Met een flinke opkomst van zo’n 9 personen starten we de avond met bespreking van de voortgang. De voortgang bij de voorbeeldturbine stagneert enigszins. Het lijmen van de magneten op de rotor met speciale metaallijm van Permabond op basis van epoxy en polymeer is niet gelukt: de rotor en de magneten eerst ontvet en daarna opgeruwd, vervolgens de lijm op de magneten aangebracht en op een nauwkeurige schaalverdeling bij kamertemperatuur op de rotor gelijmd. Na het geklieder en de stank van de lijm lijkt de verbinding uiterst stevig.

Echter, een paar dagen later de rotor terug de werkplaats in gebracht en daar ging het al mis. Waarschijnlijk nekte de temperatuurovergang van 20ºC naar 2ºC de verbinding. De specificaties geven aan dat deze lijm -20ºC tot +160ºC aankan, niet dus. Sommige magneten zitten al meteen los, anderen overleven een lichte tik met hamer niet. Conclusie: niet bruikbaar! Omdat de meeste lijmen voor metaal op basis van epoxy zijn gaat deze methode het dus niet worden. Voorlopig gaat de molen dan geïnstalleerd worden met de DC wasmachinemotor. Hier is alles al voorgewerkt en levert meteen zo’n 25V bij 900 tpm.
De discussie richt zich daarna op allerlei technische problemen waaronder ook weer de rem die de turbine moet begrenzen bij te hoge toerentallen. Een specifieke turbine levert bij een bepaald toerental een bepaalde spanning. Door te testen waar de kritieke grens ligt kun je de turbine remmen met behulp van een weerstand (NE555 voltage controlled schakelaar), een servomotor en een schijfrem. De NE555 schakelt bij een instelbaar voltage en gebruikt vervolgens het geleverde voltage van de turbine om de servomotor in te schakelen welke op zijn beurt de schijfrem aantrekt.
Te overwegen is het vrachtwagenprincipe: de rem wordt door spanning ontgrendeld. Valt de spanning weg door defect o.i.d. dan gaat de rem automatisch in. Alleen vraagt dit iets meer schakelingen en overdenkingen want een molen begint normaal met weinig tot geen spanning. Als het werkt wel de veiligste oplossing omdat een defect van de timer, weerstand o.i.d. de turbine automatisch remt.
Remco









Stipt om 19:00 uur starten we met een man of 6. De bladen van Maarten zijn gemaakt, al was het niet gemakkelijk en zijn er concessies gedaan. De lengte van 1 meter kreeg de wals niet verwerkt, de platenwals is te licht voor 1½ mm plaat. Door 30 cm eraf te halen kreeg ik ze tot een diameter van 22 cm.


Maarten gaat voor model met schoepen (links). De schoepen maken we van 1,5 mm gegalvaniseerde plaat, rond gebogen in schalen van 1 meter lang met een diameter van zo’n 20 cm.
Ondergetekende houdt zich bij het
Vijf man sterk zijn we deze keer aanwezig met twee afmeldingen. Ik heb een aanvraag gedaan bij het Arcus college om gebruik te kunnen maken van de metaalwerkplaats. Dat kan in verschillende vormen: of daadwerkelijk daar aan de slag gaan, of mogelijk een gecombineerd project met de studenten aldaar. We wachten af en hopen op een positieve uitkomst. We gaan er van uit dat het Arcus college ook een duurzaam hart heeft en dan komen de oplossingen vanzelf.
We moeten aan de slag en we gaan verder met het testen van de motoren. In ieder geval stellen we vast dat de dynamo’s werken, zo’n 14,4 V wordt gemeten. Het amperage meten is een lastiger verhaal. Waarschijnlijk wordt dit bemoeilijkt door de elektronica in de motor die er voor zorgt dat de accu niet overladen wordt. In ieder geval meten we naast de 14,4 V niet veel stroom. Na nog eens alle draden goed te hebben nagelopen bleek de multimeter niet goed ingesteld (10A), na correctie werd er toch nog 2A gemeten.